Wij, Wim en Susanne, zijn herders en ons bedrijf draait om alles wat te maken heeft met schapen, natuurbeheer, honden en nog veel meer. Wim en Susanne ontmoetten elkaar toen ze beiden werkzaam waren op de blindengeleidehondenschool in Amstelveen. Susanne werkte daar als blindengeleidehondentrainer en Wim als facilitair manager. Nu, 12 jaar later, hebben ze samen een zoontje van zes jaar en maken ze deel uit van Scheperij Salland.
Onze naam, Scheperij Salland, klinkt misschien niet voor iedereen even vanzelfsprekend. “Scheperij” komt van het woord “scheper”, wat “hoeder van vee” betekent. De Scheperij was oorspronkelijk de plek waar de scheper woonde, en Salland verwijst naar onze belangrijkste werkplek. Wij zijn een begrazingsbedrijf, gespecialiseerd in onder andere heidebeheer met gescheperde kuddes. Deze kuddes trekken vijf tot zeven dagen per week, onder begeleiding van de scheper (of herder), samen met de honden, over de heide.
Susanne is van jongs af aan al gepassioneerd door natuur, schapen, honden en andere dieren. Haar passie is uitgegroeid tot een begrazingsbedrijf met meer dan 400 ooien, 10 herdershonden, en een team van vrijwilligers en stagiaires. Naast haar liefde voor de schapen en natuur houdt ze zich nog steeds bezig met de sport van schapendrijven. Ze heeft de afgelopen tien jaar elk jaar deel uitgemaakt van het nationale EK-team schapendrijven en is meervoudig Nederlands Kampioen met verschillende honden, waaronder haar werkhond Mac, waarmee ze dagelijks op de hei werkt. Behalve het trainen van haar eigen honden, geeft Susanne clinics en les in binnen- en buitenland, en fungeert ze als nationaal en internationaal jurylid.
Het werken in de natuur met schapen is een bijzonder vak. Het herdersberoep roept idyllische beelden op bij veel mensen, maar naast de schoonheid is het ook een manier van leven. Het is altijd druk, en je bent altijd herder – het werk stopt nooit na vijven. Elk seizoen heeft zijn eigen charme en uitdagingen. Je komt op plekken waar de meeste mensen nooit komen, en regelmatig wordt je beloning de bijzondere dieren die je kunt spotten, zoals een korhoen, klapekster, blauwvleugelsprinkhaan of kiekendief.
Sinds 2018 werken we met onze kudde op de Sprengenberg en Eerde Achterbroek, in opdracht van Natuurmonumenten. Onze schapen verblijven zo’n zeven tot negen maanden per jaar op de heide. ’s Nachts worden ze achter zogenaamde flexinetten, stroomnetten die de schapen binnenhouden en roofdieren buiten, veilig gesteld. In deze nachtvakken krijgen de schapen mineralen, is er water aanwezig en kunnen ze in de schaduw liggen wanneer de temperatuur tropisch is.
We leven met de seizoenen mee en passen ons aan de omstandigheden die het weer met zich meebrengt. Bij temperaturen boven de 25 graden draaien we samen met de schapen een tropenrooster. De zomer markeert ook de dekperiode, wanneer de rammen weer bij de ooien komen. Het korter wordende daglicht herinnert ons eraan dat de lammetjes weer op komst zijn. Dit is een drukke maar prachtige tijd, vol nieuw leven en de belofte van de toekomst. We zijn gezegend met de omgeving waarin we werken. Ondanks de wisselvalligheid van het weer en de variërende dagen, is er niets mooier dan deel uit te maken van de natuur waarvoor we zorgen.
Nadat de begrazing stopt, worden de schapen naar de weilanden van de boeren in de omgeving van de Sallandse Heuvelrug gebracht. Hier eten ze het oude najaarsgras op, waardoor de grasmat kaal komt te liggen. Ze zetten het oude gras om in mest, wat de bodem en insecten voedt. Wanneer de dagen lengen en de zon sterker wordt, kan het gras weer volop groeien, zonder zich door oude grasmassa heen te moeten wringen.
Wanneer de lammetjes op komst zijn, worden de drachtige schapen naar de stal gebracht, waar ze hun jongen krijgen. We zorgen ervoor dat ze een goede start krijgen, zodat alle lammetjes de beste kansen hebben. Onze lammetjes komen relatief vroeg, in december en januari. Dit is nodig omdat de Sprengenberg in de winter een schrale plek is, met grote mineraaltekorten. Hoewel de schapen er goed werk leveren, is het voor de zogende ooien met jonge lammetjes op de hei vaak te zwaar. Door vroeg te lammeren, krijgen de lammetjes voldoende tijd om bij hun moeders te blijven. Het scheren gebeurt eind mei of begin juni, wanneer de kans op verbranding klein is en de nachtvorst voorbij is. Zo keert elk seizoen terug, maar altijd met nieuwe nuances.